Je kind zindelijk maken: de meest gestelde vragen

Geplaatst op 29 juni 2022 in Opvoeding

Vroeg of laat krijgen alle ouders er mee te maken: je kind zindelijk maken. Maar wat is nou de beste leeftijd om te starten? Hoe pak je het vervolgens aan? En moet je doorzetten bij weerstand of juist even pauzeren? Het zijn stuk voor stuk veel voorkomende vragen wanneer het over zindelijkheidstraining gaat. Als orthopedagoog krijg ik regelmatig vragen over dit thema. Op het internet lees je hele tegenstrijdige adviezen daarom besloot ik de literatuur in te duiken en alle handige (én betrouwbare) informatie voor je op een rij te zetten!

1. Je kind zindelijk maken: hoe zit dat in het algemeen?

Uit onderzoek van het UZA blijkt dat in de jaren ‘60, 90% van de kinderen overdag droog was op 2,5 jaar, tegenover 22 % nu.

Als een van de oorzaken wordt genoemd dat er nu ten opzichte van 30 jaar geleden, meer ouders zijn die beiden werken waardoor tijdsgebrek een rol speelt. Daarnaast lijkt ook de verbeterde luierkwaliteit (een natte luier voelt niet meer zo vervelend aan) een rol te spelen. Tot slot wordt nog genoemd: onwetendheid vanuit de ouders. En die onwetendheid is wat mij betreft niet vreemd. De blogs vliegen je om de oren waarin de adviezen nogal eens van elkaar verschillen. Van ‘beginnen voor het 1e jaar’ tot ‘als je kind eraan toe is’. Maar wanneer is je kind eraan toe? Vooral bij een eerste kind is dit best lastig om te bepalen. Met onderstaande (onderbouwde) tips geef ik je wat meer duidelijkheid.

Wil jij liever meteen aan de slag? Volg dan mijn online zindelijkheidstraining vol onderbouwde tips en samengesteld met een ervaren kinderbekkenfysiotherapeut

Dit wil ik!

 

2. Wat verstaan we onder zindelijk?

Allereerst is het goed om te weten dat ‘zindelijk zijn’ en het hebben van een droge broek, twee verschillende dingen zijn. Het hebben van een droge, schone broek kan met veel
inzet van de ouders al op jonge leeftijd lukken. Onderzoek wijst uit dat dit zelfs onder de leeftijd van één jaar al mogelijk is (Rugolotto, 2008). Maar dat betekent overigens niet dat dit aansluit op de ontwikkeling van het kind. Daadwerkelijk zindelijk zijn is namelijk heel wat anders. Zindelijk zijn houdt in: aandrang voelen en de daarop volgende actie, het naar het toilet gaan op een geschikte plaats kunnen uitvoeren. Voor het daadwerkelijk zindelijk zijn zijn dus meer vaardigheden nodig. En kinderen hebben dit over het algemeen dan ook vaak later pas echt onder de knie (tussen de 1,5-5 jaar).
Kind zindelijk maken

3. Wat is de beste leeftijd om je kind zindelijk te maken

Om zindelijk te worden is het belangrijk dat het kind beschikt over de mogelijkheid om zijn bekkenbodemspieren te ‘bedienen’ (fysiek). Daarnaast zijn cognitieve en motorische vaardigheden van belang. Het bewust worden van (de mate van) blaasvulling ontstaat tussen het eerste en het tweede jaar. De mogelijkheid om de plas te kunnen laten beginnen of onderdrukken onafhankelijk van het niveau van blaasvulling ontwikkelt zich wat later. Meestal gedurende het tweede en derde levensjaar (Leerdam van, 2005; Boomsma, 2006).

Belangrijk om te benoemen is dat de ontwikkeling bij ieder kind anders verloopt. Een echte ‘gouden standaard’, die voor elk kind opgaat, is er dan ook niet. Op basis van bovenstaande informatie kun je echter wel concluderen dat (bij een normale ontwikkeling) het starten met zindelijkheidstraining voor een leeftijd van één jaar vaak nog weinig effectief is óf gepaard gaat met zeer intensieve inzet van ouders. Wél kunnen we kijken naar de gedragskenmerken (wat zie ik bij mijn kind?). Op die manier kan je inzicht krijgen in wanneer jouw kind er echt klaar voor is om te starten. Je aanpak zal dan het meest effectief zijn en het minste tijd in beslag nemen. In mijn zindelijkheidstraining leer je daar alles over.

4. Wat zijn de voorwaarden om zindelijk te kunnen worden?

Je kunt dit op verschillende niveaus bekijken: namelijk naar het kind (lichamelijk én cognitief) maar ook naar de ouder. Een kinderbekkenfysiotherapeute zei hierover: “Om zindelijk te kunnen zijn is rijping van de zenuwen nodig. De zenuw van de bekkenbodem stuurt ook de spieren aan die nodig zijn om te kunnen springen”. Met andere woorden: als je kind kan springen dan beschikt hij over de mogelijkheid om de bekkenbodemspieren bewust in te zetten. Daarnaast is het ook belangrijk dat het kind begrijpt (cognitief) en enige wil heeft om te plassen op het potje (motivatie).

Dat kun je herkennen door:

– Het kind imiteert gedrag rondom plassen/poepen van de volwassene
– Interesse in zindelijkheid (meegaan naar het toilet)
– Zelfstandig kunnen zitten en opstaan van het potje
– De begrippen ‘plassen’ en ‘poepen’ moeten duidelijk zijn voor het kind

Tot slot is het misschien nog wel het meest belangrijk dat je als ouder gemotiveerd bent om ermee aan de slag te gaan. Het vraagt tijd, focus en je kind heeft je echt nodig om zich deze vaardigheid eigen te maken.

5. Heeft je kind er hulp bij nodig of gaat het vanzelf?

Je kind zindelijk maken gaat met vallen en opstaan. Zindelijk worden is namelijk een vaardigheid die je met oefening onder de knie krijgt. Vergelijk het met leren fietsen. Voor ons verloopt dit onbewust, maar kinderen hebben hulp nodig om dit te leren. Bij het ene kind verloopt dit sneller dan bij het andere kind en dat is ok. Laat je niet opjagen door die vriendin die appt met de boodschap: “Gewoon doorzetten, onze Juul was binnen in één dag zindelijk”.

Ongelukjes zijn dan ook inherent aan dit leerproces. Het zenuwstelsel van de blaas en omgeving heeft zelfs een ontwikkelingsduur van zeven jaar, ongelukjes op latere leeftijd zijn dan ook niet vreemd. Ook is bijna geen kind ‘zo ineens’ zindelijk. Beschik je wel over zo’n topper: wees dankbaar! Helaas pretenderen diverse blogs dat je met die ene ‘gouden tip’ binnen één week of zelfs een paar dagen de zindelijkheid erin traint. Als werkende ouder met één of misschien wel meerdere kinderen thuis is dit in de praktijk vaker niet dan wel het geval. Gun jezelf en jouw kind de tijd om te oefenen.

6. Wat als mijn kind niet om het potje vraagt?

Er zit een verschil tussen ‘eraan toe zijn’ als kind en ‘actief vragen om een potje’. Vaak wordt gezegd: volg het tempo van je kind en kijk of hij eraan toe is. Ik weet uit de praktijk dat dit het beeld kan oproepen dat het kind hier zelf het gesprek over aangaat (“ik wil geen luier meer”). Echter gaat het er veel meer om dat jij als ouder de signalen observeert en zelf actief het potje aanbiedt. Er zijn namelijk maar weinig kinderen die uit zichzelf met zo’n dergelijk verzoek bij de ouders komen. Hiervoor kun je dus eerder genoemde herkenningspunten gebruiken.
Kind zindelijk maken

7. Wanneer kan ik beter nog niet starten?

Wanneer kinderen stress ervaren kan het zijn dat ze terugvallen in oud gedrag. Denk aan sinterklaas, een verhuizing of overlijden. Niet alles valt te plannen, maar wanneer je weet dat er op korte termijn een (ingrijpende) verandering gepland staat dan is het wijsheid om de zindelijkheidstraining even uit te stellen.

Handige weetjes en tips

  • Begin je op jongere leeftijd, houd er rekening mee dat het kind ook een kleinere
    blaascapaciteit heeft en dus wat vaker gestimuleerd moet worden om naar het potje te gaan
  • Blijf erbij en maak het een ontspannen, plezierig moment.
  • Blijf positief. Straffen werkt averechts. Kinderen ontwikkelen dan sneller een negatieve associatie met het plassen en poepen en dat is wat je wil vermijden
  • Een open sfeer over de toiletgang thuis werkt stimulerend. (Jonge) kinderen leren voor het overgrote deel door imitatie. Is jouw kind geïnteresseerd in die momenten
    wanneer jij op het toilet zit? Laat ze meegaan: dit zijn perfecte leermomenten!

Kortom: er valt veel te zeggen over zindelijk worden. Het is een vaardigheid die net als zelfstandig leren eten of lopen in stapjes gebeurt. Daarbij heeft jouw kind jou als ouder nodig, vooral in het begin. Een terugval is ook normaal. Probeer relaxt te blijven, de druk eraf te halen en zo nodig een pauze in te lassen als je merkt dat er (teveel) weerstand ontstaat.

 

Ga je liever met een duidelijk (stappen)plan aan de slag? Je vindt alle must-know informatie voor succes in mijn zindelijkheidstraining. Volledig te volgen in je eigen tempo én je houdt onbeperkt toegang. Inmiddels al door 800+ gezinnen met resultaat gevolgd!

cursus zindelijkheid

Lees hier hoe ik je van die luiers af kan helpen

 

 


 

Veelgestelde vragen

Wat te doen bij weerstand?

Geef uitleg en schenk positieve aandacht aan de momenten dat het kind interesse heeft in dat wat met zindelijkheid te maken heeft. Ben je klaar met het aanmodderen en zoek je een duidelijk stappenplan? Ga dan aan de slag met mijn zindelijkheidstraining die inmiddels al 200+ kinderen uit de luiers heeft geholpen.

Begin ik niet te vroeg?

Onderzoekers van het UZA (gespecialiseerd in zindelijkheid) geven aan dat je niet snel ‘te vroeg’ kan beginnen mits jouw kind goed kan zitten en lopen én wanneer je het positief doet, zonder druk. Als je kind  geïnteresseerd is in het potje, kijk dan gewoon wat er gebeurt als je het potje (consequent) inzet. Als je zoekende bent naar ‘wat werkt’ en hoe je het gelijk goed aanpakt dan is mijn zindelijkheidscursus wat voor jou. Je ontvangt duidelijke stappenplannen en een checklist zodat jij goed kan bepalen of jouw kindje er echt klaar voor is. Klik hier voor meer informatie.

Kan een kind vanzelf zindelijk worden?

Er zijn kinderen die uit zichzelf aangeven: “ik hoef geen luier meer” en vanaf dat moment keurig op het potje hun behoeftes doen. Dit is echter eerder uitzondering  dan regel. Het is een misverstand dat kinderen ‘vanzelf’ zindelijk worden. Klaar zijn voor zindelijkheid heeft te maken met de lichamelijke en cognitieve rijping van het kind, maar pas dan begint het leerproces waarbij jij als ouder een belangrijke rol speelt. Hoe je dit goed kan vaststellen leer ik je in mijn cursus: zindelijkheidstraining. Klik hier voor meer informatie.

Mijn kind is bang voor het potje

Ga vooral niet pushen maar hou het gezellig en positief. Kijk of alternatieven helpen om de angst te verminderen. Merk je dat de weerstand blijft of erger wordt, las een paar dagen pauze in en probeer het opnieuw. In mijn artikel over peuters die niet op het potje willen vind je meer tips. Zoek je duidelijke uitleg hoe je bij specifieke angst (bv. angst voor het potje, angst om te poepen) omgaat? Dan sluit mijn zindelijkheidstraining beter aan.

Wanneer moet ik mij zorgen maken?

Tijdens het zindelijk maken van je kind kan je nog wel eens voor verrassingen komen te staan. Zo kan je kind zindelijk zijn met plassen, maar niet met poepen, je kind kan bedplassen of een terugval krijgen. Dit is volkomen normaal. Is je kind overdag op 5-jarige leeftijd nog niet zindelijk of ’s nachts rond de leeftijd van 6 of 7 jaar dan is een bezoek aan de huisarts aan te raden om te kijken of er mogelijk andere oorzaken spelen. Heeft jouw kind er zelf last van (wil wel, maar lukt niet) dan is het ook raadzaam om een expert in te schakelen of om te starten met de zindelijkheidstraining waarbij van allerlei SOS situaties aan bod komen mét tal van praktische tips.

Welke boeken raad je aan?

Lezen is een mooie manier om jouw kindje voor te bereiden op het proces van zindelijk worden. Onderstaande boeken kunnen je hierbij helpen.
De voorbereiding is een belangrijk onderdeel van de zindelijkheidstraining. Ben je benieuwd welke voorbereidende stappen jouw kind én jij kunnen doorlopen? Je vindt ze in mijn zindelijkheidstraining!

Potje!

dag drol

he, wie zit er op de wc

 

 


Bronnen:

Gratis motivatieposter

Laat hier je e-mailadres achter en je ontvangt een gratis poster
en drie tips voor een vlotte zindelijkheidstraining!

Gratis motivatieposter

Laat hier je e-mailadres achter en je ontvangt een gratis poster
en drie tips voor een vlotte zindelijkheidstraining!